Skip to main content

Het FG-jaarverslag als vlekkentest

Iedereen verwacht iets anders van het jaarverslag van de functionaris gegevensbescherming.

Ik neem zomaar aan dat u als bestuurder in het openbaar bestuur veel inhoudelijk leeswerk hebt. Eén van de terugkerende rapporten is het jaarverslag. Steeds vaker levert ook uw Functionaris Gegevensbescherming (FG), de intern toezichthouder op de naleving van de AVG (en soms de Wpg) een jaarverslag op.

Hoewel ik in algemene zin zowel ‘transparantie’ als ‘verantwoording afleggen’ toejuich, heb ik m’n bedenkingen bij stukken waarvan op voorhand niet duidelijk is wat de lezer kan verwachten. Wie legt aan wie verantwoording af en waarover?

Het jaarverslag van een FG is daarmee een soort inktvlekken-test geworden. Je kunt er van alles in zien en daar betekenis aan hechten, maar dit wijzigt de vlek zelf niet.

In sommige FG-jaarverslagen is te lezen hoe de organisatie ervoor staat qua naleving van de AVG. Qua transparantie best gaaf om te lezen, maar eigenlijk is (een paragraaf in) het reguliere jaarverslag logischer. Het is immers de organisatie en niet de FG die verantwoordelijk is voor de naleving van de AVG.

In andere FG-jaarverslagen zie ik een waslijst aan AVG-misstanden opgesomd, kennelijk omdat de FG niet eerder zijn zegje heeft kunnen doen bij de bestuurder.

Om uit te vinden wie gelijk heeft en wat de vlek -het FG jaarverslag- nu eigenlijk moet voorstellen is het handig de theorie en geschiedenis van jaarverslagen erbij te betrekken. In dit geval is het zinvol om drie verschillende soorten jaarverslagen te onderscheiden:

(1) het algemene jaarverslag,

(2) het jaarverslag van een extern toezichthouder,

(3) het jaarverslag van een intern toezichthouder

Eerst maar eens het ‘gewone’ jaarverslag: Dit wordt in algemene zin gebruik om de input en output van een organisatie(onderdeel) te verantwoorden. Het gaat om het afleggen van verantwoording aan aandeelhouders, investeerders, maar ook aan maatschappelijke organisaties en andere geïnteresseerden.

Bij de meeste publieke organisaties kijkt men niet alleen naar ‘input’ en ‘output’, maar ook naar de ‘outcome’. Er staat dan niet alleen met hoeveel fte en middelen (input) hoeveel producten (output) er zijn opgeleverd, maar ook wat deze producten of diensten hebben opgebracht (outcome). Anders gezegd: je geeft niet alleen weer wat je hebt gedaan met je middelen, maar ook wat je ermee hebt bereikt. Dat wat je wil bereiken is vaak lastiger te onderbouwen of in cijfers uit te drukken. Denk aan ‘goed onderwijs’, ‘mensgerichte zorg’ of ‘veilig vervoer’. Vandaar dat steeds vaker bepaalde (publieke) waarden worden nagestreefd, waardoor in het jaarverslag verantwoord kan worden in hoeverre de inzet heeft bijgedragen aan het bereiken van deze waarden. Vanaf de jaren ’90 is bovendien gemeengoed geworden een paragraaf aan het jaarverslag toe te voegen over de wijze waarop deze doelen bereikt werden. Dit kreeg een plek onder de noemer ‘maatschappelijk verantwoord ondernemen’, ‘duurzaamheid’, en bijvoorbeeld ook ‘diversiteit’.

Jaarverslagen van extern toezichthouders: Waar toezichthouders fundamenteel verschillen van andere organisaties is dat zij veel minder rechtstreeks verantwoordelijk kunnen zijn voor de outcome dan andere organisaties. Daarom staan in jaarverslagen van toezichthouders historisch meer cijfers over output dan outcome genoemd. Er wordt dan verantwoording afgelegd door een overzicht te geven van: ‘het aantal klachten dat is behandeld’, ‘het aantal onderzoeken dat is gestart en afgrond’, en bijvoorbeeld ‘het aantal waarschuwingen of boetes dat is opgelegd’. Dit past bij het klassieke beeld van de toezichthouder als handhaver van de (wettelijke) norm.

Verder lezen bij de bron
IB&P

Nieuwsbrief

Deze versturen we 3-4x per jaar.

Recente blogs

De nieuwe Archiefwet: waarom informatiebeveiliging hierbij moet aanhaken
Op 1 januari 2027 treedt de nieuwe Archiefwet in werking. Op het eerste gezicht lijkt dat vooral een onderwerp voor informatiebeheer, DIV, de gemeentearchivaris of juridische zaken. Toch raakt de nieuwe wet ook duidelijk aan informatiebeveiliging.
Waarom BIO2 vooral om eigenaarschap in de lijn vraagt
BIO2 maakt informatiebeveiliging nadrukkelijk onderdeel van goed management: proceseigenaren moeten risico’s kennen, keuzes maken en opvolging organiseren. Daarmee verschuift de focus van losse maatregelen naar aantoonbaar eigenaarschap, samenwerking en risicogestuurde sturing binnen de gemeentelijke praktijk.
Jouw leverancier, jouw risico: Waarom ketenrisico’s geen IT-probleem zijn
Veel gemeenten vertrouwen op leveranciers, maar blijven zelf verantwoordelijk voor de risico’s in de keten. In deze blog lees je waarom ketenrisico’s actief bestuurd moeten worden en hoe je als organisatie grip krijgt op leveranciers, contracten en continuïteit.

Meer recente berichten

Staatssecretaris: artikel verzamelwet gegevensbescherming niet in werking
Verder lezen
Ai dwingt ons om risico’s opnieuw te definiëren
Verder lezen
EU legt online surveillance door bedrijven onvoldoende aan banden
Verder lezen
Kleine groep gebruikers houdt toegang tot Mythos
Verder lezen
Autoriteit Persoonsgegevens ontvangt veel klachten over camera’s
Verder lezen
AFM: Financiële organisaties moeten grip krijgen op ICT-risico’s en interne controle
Verder lezen
AP controleert vanaf 1 juli registratie scanauto’s in algoritmeregister
Verder lezen
Digitale soe­ve­rei­ni­teit bestaat niet in zwart-wit
Verder lezen
Inlichtingendiensten slaan alarm over privacy: je nieuwe auto luistert actief mee
Verder lezen
Amerikaanse overheid moet update voor kritiek Dell-lek binnen 3 dagen uitrollen
Verder lezen