Skip to main content

Gegevensuitwisseling met de VS blijft toegestaan: de adequaatheid van het Data Privacy Framework gaat -nu- niet onderuit

3 september 2025, deed het Gerecht van de Europese Unie uitspraak over het Data Privacy Framework (DPF). Kort gezegd: er verandert op dit moment niets en Europese organisaties kunnen het DPF blijven gebruiken als grondslag om een passend beschermingsniveau voor gegevensoverdrachten tussen de Europese Unie (EU) en de VS te waarborgen (hoofdstuk V Algemene verordening gegevensbescherming, AVG). In de toekomst kan dat uiteraard nog veranderen, maar dat geldt nog voor wel meer zaken.

Hoe werkte rechtmatige doorgifte ook alweer?

Er zijn verschillende manieren waarop organisaties veilig, onder de AVG, persoonsgegevens kunnen delen met landen buiten de Europese Economische Ruimte (EER). Een daarvan is het adequaatheidsbesluit (art. 45 AVG). De Europese Commissie (EC) besluit dan officieel dat de wet- en regelgeving en praktijken van het derde land ongeveer hetzelfde beschermingsniveau bieden, als het niveau dat we in de EU kennen.

Het DPF is het kader waarmee wij in de EU zorgen dat doorgifte van persoonsgegevens tussen de EU en de VS veilig kan plaatsvinden, in overeenstemming met onze grondrechten en de AVG (meer weten? Lees dit gedetailleerde stuk over de DPF). Althans, dat is wat de EC in haar adequaatheidsbesluit concludeerde.

Wat gebeurde er in deze zaak?

Een Franse burger, mr Latombe, was het hier niet mee eens (met hem vele anderen, maar hij ging naar het Gerecht). Hij stelde voor het Gerecht van de Europese Unie (het Gerecht) dat dit adequaatheidsbesluit – eigenlijk – niet adequaat is. Het Gerecht mag, in bepaalde situaties, een dergelijk besluit ongeldig verklaren.

In deze zaak stelde Latombe:

  • dat de Data Protection Review Court (de DPRC, een orgaan dat is opgericht om klachten te analyseren van EU-burgers die vermoeden dat hun gegevens worden geschonden door inlichtingsdiensten uit de VS) niet onafhankelijk of onpartijdig is;
  • dat de surveillancepraktijk (het verzamelen van bulkdata) door de overheid van de VS onrechtmatig is, omdat het geen voorafgaande toestemming van de rechtbank kent.

Het Gerecht wijst het beroep tot nietigverklaring van Latombe af. Het Gerecht vindt namelijk dat Latombe’s argumenten geen stand houden.

Het Gerecht oordeelt:

  • dat de onafhankelijkheid van het DPR, en het aanwijzen van de rechters daarbinnen, wél verzekerd is door bepaalde waarborgen en vereisten;
  • dat de EC juist al verplicht is om constant ontwikkelingen in derde landen die adequaat zijn bevonden, te monitoren. Als dat land níet meer adequaat is, handelt de EC daarop;
  • dat ten aanzien van surveillance van bulkdata voorafgaande toestemming van de rechter niet nodig is (meer specifiek: er zijn geen overwegingen uit eerdere rechtspraak (Schrems II) die suggereren dat dat zo zou moeten zijn). Het huidige kader voorziet in een juridische analyse ná de verzameling, wat voldoende zou moeten zijn.

Kritiek

Hoewel het oordeel pas net is gepubliceerd, is er nu al veel kritiek. Het Gerecht handelt de zaak vrij formeel procedureel af. Zo verwijst het Gerecht naar het feit dat de EC continu de adequaatheid van derde landen moet nagaan (art. 45 lid 4 AVG). Dat is inderdaad zo, maar daarmee lijkt het Gerecht te zeggen: als er iets mis was, had de EC het wel gezegd – en gaat voorbij aan een eigen analyse.

Verder lezen bij de bron
IB&P

Nieuwsbrief

Deze versturen we 3-4x per jaar.

Recente blogs

Jouw leverancier, jouw risico: Waarom ketenrisico’s geen IT-probleem zijn
Veel gemeenten vertrouwen op leveranciers, maar blijven zelf verantwoordelijk voor de risico’s in de keten. In deze blog lees je waarom ketenrisico’s actief bestuurd moeten worden en hoe je als organisatie grip krijgt op leveranciers, contracten en continuïteit.
Ransomware bij een leverancier – waarom wachten geen strategie is
Een ransomware-incident bij een leverancier kan de gemeentelijke dienstverlening direct raken, juist omdat overzicht, contractmanagement en voorbereiding vaak onvoldoende zijn ingericht. Door inzicht te hebben in leveranciers, duidelijke afspraken te maken en ook organisatorisch na te denken over handelingsperspectief, voorkom je dat de gemeente bij een incident in een afwachtende slachtofferrol belandt.
Onzichtbare AI in systemen: privacyrisico’s voor gemeenten
In deze blog leggen we uit hoe AI ongemerkt gemeentelijke software binnendringt, waarom dit een privacyrisico vormt en hoe je hier als gemeente grip op houdt.

Meer recente berichten

Nieuwe Amerikaanse wet moet ASML-verkoop aan China stoppen
Verder lezen
Cy­ber­se­cu­ri­ty awareness via ge­per­so­na­li­seer­de game bij Gemeente Meierijstad (Phantom’sLab)
Verder lezen
Hoogleraar pleit wegens datalekken voor professionele digitale architecten
Verder lezen
Realiteit van ransomware: kruip in het hoofd van een hacker
Verder lezen
Docenten kijken na met AI: slimme tijdsbesparing of risicovol?
Verder lezen
AI in het bedrijfsleven: innovatie stimuleren zonder het cyberrisico te vergroten
Verder lezen
AP wijst scholen op privacyrisico’s bij gebruik van digitale leermiddelen
Verder lezen
Adviescollege ICT publiceert concrete veiligheidslessen
Verder lezen
Steeds vaker wordt geëxperimenteerd met AI-cameras: is het gebruik daarvan veilig?
Verder lezen
Digitale weerbaarheid is geen certificaat
Verder lezen